VR-kort *

Circa 9,2 miljoen geconstateerde verkeersovertredingen in 2018

In 2018 zijn 9.182.573 verkeersovertredingen geconstateerd voor onder meer te hard rijden, door rood licht rijden, fout parkeren en handheld bellen. Dat is bijna evenveel als een jaar eerder. In 2017 werden 9.223.477 verkeersboetes opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). Dat blijkt uit het jaaroverzicht verkeersboetes 2018.

Van Nieuwenhuizen: strengere eisen en meer toezicht bijzondere bromfietsen

De veiligheid van bestuurders, passagiers en andere weggebruikers komt op de eerste plek in de nieuwe eisen aan bijzondere bromfietsen. Deze voertuigen, waaronder de Stint, moeten voortaan onder meer een extra rem hebben. Ook komen er een jaarlijkse check en risicogerichte controles bij fabrikanten. Met bijzondere bromfietsen mogen voortaan maximaal acht passagiers worden vervoerd, net zoals met personenauto’s of busjes waarvoor een rijbewijs B nodig is. De zitplaatsen moeten veiligheidsgordels hebben. Dit schreef minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat) onlangs in een brief aan de Tweede Kamer.

Denktank overlijdensschade 2.0

In 2009 kwam een aantal professionals uit de letselschadebranche bij elkaar om na te denken over een nieuwe manier om de schade te berekenen bij overlijden. De oude methode was ongelooflijk ingewikkeld en ondoorzichtig. Eind 2014 kwam de Denktank met een nieuwe methode die transparant was, meeging in de maatschappelijke ontwikkelingen en door de nabestaanden eenvoudig kon worden begrepen. Deze methode werd vastgelegd in de Notitie Denktank Overlijdensschade en sinds 2015 worden overlijdensschades via deze methode afgewikkeld.

Waarom het rekensjabloon van het nieuwe model moet worden aangepast

In november 2014 is door de werkgroep ‘Denktank Overlijdensschade’ (hierna: de Denktank) een nieuwe methode gelanceerd voor de berekening van een overlijdensschade. Dat nieuwe model bestaat uit twee delen, te weten een economisch rekendeel 1, dat normatief neutraal is, en een juridisch deel 2, waarin keuzes kunnen worden gemaakt. Zo is in deel 2 discussie mogelijk met betrekking tot onder andere 1. de verrekening van tot uitkering gekomen verzekeringen, 2. de verdeling van de schade over de nabestaanden en 3. de vraag of het schadebedrag voor een minderjarig kind op een BEM-rekening moet worden gestort.

‘Affectieschade’ en ‘shockschade’, onderscheid, samenloop, vooruitblik

Per 1 januari 2019 voorzien artikel 6:107 en 6:108 van het Burgerlijk Wetboek (BW) in een aanspraak op smartengeld van naasten van iemand die door andermans toedoen (zeer) ernstig blijvend letsel heeft opgelopen, respectievelijk van nabestaanden van iemand die door een gebeurtenis waarvoor een ander aansprakelijk is, is overleden. De aanspraak is een naar omvang beperkte vergoeding van ander nadeel dan vermogensschade, die vooral beoogt het leed van de naasten en nabestaanden te erkennen. In de ‘juridische volksmond’ pleegt hier te worden gesproken van vergoeding van ‘affectieschade’. In de rechtspraak is in 2002 erkend dat iemand onder omstandigheden recht heeft op vergoeding van schade die het gevolg is van geestelijk letsel door de confrontatie met een schokkende gebeurtenis. In de juridische volksmond wordt dit ‘shockschade’ genoemd.

Pagina's