VR-kort *

Het recht op een kans

Dit artikel gaat over het zelfstandige bestaansrecht van het leerstuk verlies van een kans. Het gaat over hoe het moet worden toegepast en hoe die toepassing verschilt van de toepassing van het leerstuk van de proportionele aansprakelijkheid. De Hoge Raad overweegt dat beide leerstukken toegepast kunnen worden in gevallen waarin de eisende partij moeite heeft het causaal verband tussen normschending en ondervonden nadeel te bewijzen, maar dat het wel om te onderscheiden leerstukken gaat. Niet iedereen kan de Hoge Raad daarin volgen: de leerstukken zouden dezelfde functie vervullen, toegepast (kunnen) worden in dezelfde gevallen en tot hetzelfde resultaat (moeten) leiden. Dat roept de vraag op of en, zo ja, in hoeverre de theoretische grondslagen van deze twee leerstukken verschillen en wat de gevolgen daarvan zijn voor het toepassingsbereik en de toepassingswijze ervan.

Risicoaansprakelijkheid voor ongeschikte medische hulpzaken

Op 4 oktober 2018 verdedigde de auteur haar proefschrift over de aansprakelijkheid voor ongeschikte medische hulpzaken. Het gebruik van medische hulpzaken bij de behandeling van patiënten kan met ernstige risico’s gepaard gaan. Vanwege het hoge ontwikkelingstempo en de complexe aard van medische hulpzaken zal de hulpverlener deze risico’s niet altijd kunnen voorzien. De vraag is of, en in hoeverre, het risico dat voortvloeit uit het gebruik van een ongeschikte medische hulpzaak desalniettemin voor rekening van de hulpverlener dient te komen. Ter beantwoording van die vraag heeft de auteur het Nederlandse, Duitse, Franse en Engelse recht op dit punt onderzocht en een rechtseconomische analyse uitgevoerd.

De scheidslijn tussen hoofd- en schadestaatprocedure in 7:611-zaken

In een arrest van 19 oktober 2018 heeft de Hoge Raad zich uitgesproken over de scheidslijn tussen de hoofdprocedure en de schadestaatprocedure. De zaak draait materieel om de aansprakelijkheid van een werkgever voor de schade die een van zijn werknemers lijdt als gevolg van een ernstig verkeersongeval.

Stelplicht, bewijslastverdeling en de civiele vordering van de benadeelde partij in het strafproces

De vordering van de benadeelde partij in het strafproces is civiel van aard. In de voegingsprocedure gelden de regels van stelplicht en bewijslastverdeling in civiele zaken en niet de bewijs(minimum)regels van het Wetboek van Strafvordering, zo heeft de Hoge Raad overwogen. De vraag in hoeverre deze regels gelden behoeft verduidelijking. Daartoe bespreken de auteurs eerst welke materieelrechtelijke vragen de strafrechter heeft te beantwoorden bij de beoordeling van een vordering van de benadeelde partij. Vervolgens staan zij stil bij de eigen aard van de voegingsprocedure.

Commissie Claimcode

De Claimcode is een governance code voor stichtingen en verenigingen die als doel hebben te komen tot collectief schadeverhaal. De code beoogt degenen die zich hierbij willen aansluiten garanties te bieden dat het bestuur steeds de belangen van de collectief benadeelden centraal stelt. De eerste versie van de Claimcode verscheen in 2011. Na inwerkingtreding is de betekenis ervan in de rechtspraktijk gegroeid.

Pagina's