Verkeersrecht 2026 7-8

Editie
VR 2026-7 cover
Datum uitgave: 

VR 2026/107 Door rood rijden, detectielussen registreren scooter niet, opleggen sanctie niet billijk.

Jurisprudentie

Aan betrokkene is een Wahv-sanctie van € 190,- opgelegd omdat hij met een bromscooter is doorgereden bij een rood driekleurig verkeerslicht. Betrokkene erkent dat hij door rood is gereden, maar voert aan dat de detectielussen in de weg zijn scooter niet registreerden, waardoor het verkeerslicht niet op groen sprong. Hij stelt dat hij ongeveer drie minuten heeft gewacht en pas is doorgereden toen het fietsverkeerslicht voor rechtdoor groen was en geen ander verkeer aanwezig was. Het hof acht aannemelijk dat de detectielussen de scooter niet registreerden en dat het verkeerslicht daardoor niet

VR 2026/108 Door rood rijden met fiets, verkeerslicht ook bestemd voor fietsers, sanctie terecht.

Jurisprudentie

Aan betrokkene is een Wahv-sanctie van € 120,- opgelegd omdat hij met de fiets is doorgereden bij een rood driekleurig verkeerslicht. Betrokkene erkent dat hij door rood is gereden, maar stelt dat dit verkeerslicht alleen voor automobilisten gold. Volgens hem stond iets verderop een apart fietsersverkeerslicht op groen en mocht hij daarom doorfietsen. Hof oordeelt dat het rode verkeerslicht ook voor fietsers gold. Het verkeerslicht gold voor verkeer vanuit de richting waar betrokkene vandaan kwam, waaronder fietsers. Dat blijkt mede uit de fietsruimte op het wegdek, de stopstreep vóór het

VR 2026/109 Snelheidsmeting drie voertuigen tegelijkertijd. Niet expliciet verboden. Gelijkblijvende tussenafstand. Geldige meting.

Jurisprudentie

Aan betrokkene was een sanctie van € 436,- (gematigd tot €327,- door de kantonrechter wegens overschrijding van de redelijke termijn van berechting in eerste aanleg) opgelegd wegens een snelheidsovertreding van 36 km/u op de autosnelweg. De gemachtigde stelt dat de snelheidsmeting ongeldig was, omdat de ambtenaar drie voertuigen tegelijk had gemeten en onduidelijk was welk voertuig precies was gemeten. Het hof verwerpt dit verweer. Het hof overweegt dat noch uit de wet, noch uit jurisprudentie blijkt dat het gelijktijdig meten van meerdere voertuigen niet is toegestaan. Uit het zaakoverzicht

VR 2026/110 Artikel 5a WVW 1994, politieachtervolging, ernstige verkeersschending, voorzienbaar gevaar.

Jurisprudentie
Verdachte rijdt tijdens een politieachtervolging ’s avonds laat in een bedrijfsauto/bakwagen met gedoofde lichten en zeer hoge snelheden door een woonwijk. Daarbij rijdt hij met snelheden tussen ongeveer 70 en 120 km/u op wegen waar grotendeels een maximumsnelheid van 30 km/u geldt. Op het wegdek liggen sneeuw en ijzel. Verdachte rijdt door smalle straten, rakelings langs geparkeerde voertuigen, over een voetpad en door een park waar voetgangers aanwezig zijn. Ook rijdt hij op een dienstvoertuig af. Hij komt uiteindelijk tegen een appartementencomplex tot stilstand. Het hof toetst het

VR 2026/111 Bloedonderzoek als bedoeld in artikel 8 lid 5 WVW 1994, kennisgeving uitslag, recht op tegenonderzoek, strikte waarborg, vrijspraak.

Jurisprudentie
Verdachte wordt vervolgd voor rijden onder invloed van alcohol en cannabis. Het hof stelt voorop dat bloedonderzoek alleen als onderzoek in de zin van artikel 8 lid 5 WVW 1994 geldt als de strikte wettelijke waarborgen zijn nageleefd. Daartoe behoort schriftelijke kennisgeving van uitslag bloedonderzoek en recht op tegenonderzoek. Niet kan worden vastgesteld dat die kennisgeving daadwerkelijk aan verdachte is verzonden. Het proces-verbaal vermeldt alleen dat uitslag later wordt toegevoegd en nagezonden. Afschrift van brief met uitslag bewijst verzending niet. Ook aanvullend proces-verbaal over