VR 2026/63 Het roer om of bijsturen?
VR 2026/64 Vergoeding BGK voor het deskundigenbericht in de voorlopige bewijsverrichtingenprocedure
VR 2026/65 Sanctie vanwege verkeerde verlichting. Mogelijkheid van andere, lichtere sanctie maakt de opgelegde sanctie niet onterecht.
VR 2026/66 Geen schuld aan dodelijk ongeval fietser. Wel veroordeling voor art. 5 WVW 1994 vanwege versleten achterbanden.
Verdachte nadert een kruispunt met verkeerslichten. Voor verdachte staat het verkeerslicht op groen. Op het kruispunt is een voetgangersoversteekplaats en een oversteekplaats voor tegengesteld fietsverkeer. Verdachte passeert het groene verkeerslicht en ziet dat een fietser vanuit de rechterkant de weg oversteekt. Verdachte remde gelijk toen hij de fietser zag, maar kon een aanrijding niet voorkomen. Het slachtoffer overleed later aan haar verwondingen. De rechtbank stelt vast dat het slachtoffer, een 17-jarig meisje, is overgestoken op een plek waar dit niet was toegestaan. De rechtbank kan
VR 2026/67 Ongeval op onbewaakte spoorwegovergang. Aansprakelijkheid automobilist en wegbeheerder jegens Arriva.
In 2018 vond een dodelijk ongeval plaats op een zogenaamde niet actief beveiligde overweg (hierna: NABO). Een 78-jarige automobilist kwam in botsing met een trein van Arriva. De auto was verzekerd bij Achmea. Uit het politierapport blijkt dat het ongeval waarschijnlijk het gevolg was van een rij- of beoordelingsfout van de bestuurder, die de trein geen voorrang gaf. Er werden geen technische gebreken of zichtbelemmeringen vastgesteld. Op grond van artikel 185 WVW vorderde Arriva haar schade van Achmea. De rechtbank wees deze vordering toe. Achmea heeft daarna in een vrijwaringsprocedure