Ernstige verkeersongevallen en het moeilijke werk van de rechter

Mr. V. van den Brink
Op 15 oktober 2013 wees de Hoge Raad een drietal arresten waarin veroordelingen van bestuurders die een ongeval met zeer ernstige gevolgen hadden veroorzaakt, werden vernietigd. In veel zaken daarna vonden meer vernietigingen plaats en sneuvelde in cassatie het oordeel van het hof dat niet slechts sprake was van schuld, maar dat die schuld bestond in roekeloosheid. De kritiek op de strafrechtelijke aanpak van verkeersdelicten was aanleiding een wetswijziging aan te kondigen. Kern is de invoering van een nieuw artikel 5a WVW 1994, waarin twaalf verboden verkeersgedragingen worden opgesomd. De bedoeling van het wetsvoorstel is het verschil in strafbedreiging te verkleinen tussen het geval waarin het zeer gevaarlijke verkeersgedrag wel en het geval waarin dat niet tot een ongeval met ernstige gevolgen leidde. Aan artikel 175 lid 2 WVW wordt toegevoegd dat van roekeloosheid in elk geval sprake is als het gedrag tevens als een overtreding van artikel 5a WVW 1994 kan worden aangemerkt.

Bron: 
Trema 2018, afl. 3