VR 2017/149 Deelgeschil, whiplash, causaal verband, predispositie.

Verzoekster, werkneemster van verweerster, is een ongeval overkomen bij het rijden met een te zwaar beladen kanotrailer. Aansprakelijkheid (verzekeraar van) verweerster is niet betwist. Verweerster heeft niet willen meewerken aan een buitengerechtelijk deskundigenonderzoek, maar de kantonrechter heeft twee deskundigen benoemd. Zij concluderen dat er sprake is van whiplash, met onderhoudende psychische factoren. Deze conclusies passen bij de door het UWV vastgestelde beperkingen. Verweerster heeft de juistheid van deze beperkingen niet betwist. De vordering is een verklaring voor recht dat de klachten en beperkingen het gevolg zijn van het ongeval. De rechtbank wijst op de lijn van de Hoge Raad, inhoudende dat voor het aannemen van klachten en beperkingen het aantonen van medisch objectiveerbare afwijkingen niet vereist is: voldoende is dat de klachten aanwezig, reëel, niet ingebeeld, niet voorgewend en niet overdreven zijn. De klachten van eiseres zijn aanwezig en reëel. Ook acht de rechtbank het causaal verband tussen het ongeval en de klachten aannemelijk. Daarbij is van belang dat de gezondheidsklachten er voor het ongeval nog niet waren, dat de klachten door dit ongeval kunnen zijn veroorzaakt en dat een alternatieve verklaring ontbreekt. Het feit dat de geconstateerde onderhoudende psychische factoren mogelijk voor het ongeval (deels) al aanwezig waren doet daar niet aan af, nu de aansprakelijke het slachtoffer (ook in diens persoonlijkheidsstructuur) dient te nemen zoals hij is.

 

 

De volledige uitspraken en artikelen uit Verkeersrecht zijn beschikbaar voor abonnees.
In de rechter menubalk kunt u met uw emailadres en wachtwoord inloggen.

Nog geen abonnee? Klik op onderstaande button 'Abonneren' zodat ook u toegang heeft tot de meest recente uitgave en het archief van Verkeersrecht.

Abonneren