VR 2017/146 Aansprakelijkheid wegbeheerder, paard, eigen schuld.

Eiseres liep met haar paard aan de hand op een voetgangerspad in een natuurgebied. Toen zij een bruggetje overstak, zakte het paard door het bruggetje en liep daarbij letsel op. Eiseres stelt de beheerder van het natuurgebied aansprakelijk. De rechtbank wijst de vorderingen gedeeltelijk toe. De rechtbank verwerpt allereerst het beroep van de beheerder op de klachtplicht (eiseres zou de beheerder, door een en ander pas twee maanden na het ongeval aan de beheerder te melden, in zijn belangen hebben geschaad). Een melding na twee maanden is in beginsel tijdig en het is niet duidelijk waarom de beheerder in zijn belangen zou zijn geschaad. De rechtbank acht voorts de door eiseres gestelde toedracht aannemelijk. Haar verklaring wordt ondersteund door een getuige en bovendien heeft de beheerder uitsluitend opgemerkt 'dat het wellicht anders is gegaan'. Onder die omstandigheden is er geen reden om aan de juistheid van de verklaringen van eiseres te twijfelen. De rechtbank komt vervolgens tot het oordeel dat de brug niet voldeed aan de daaraan te stellen eisen. Weliswaar ligt de brug in een voetgangersgebied en mag iemand met een paard aan de hand er helemaal niet komen, maar dat iemand deze regel zal overtreden en de brug zal proberen over te steken met een paard aan de hand, is niet zodanig onwaarschijnlijk dat de beheerder met die mogelijkheid geen rekening hoefde te houden. Immers: in de buurt is sprake van een groot aantal maneges, de brug kan (zij het slechts door de verkeersregels te overtreden) wel degelijk met een paard aan de hand worden bereikt en het is een feit van algemene bekendheid dat verkeersregels niet altijd stipt worden nageleefd. Onder die omstandigheden had de beheerder in ieder geval (ook gelet op het feit dat op het eerste gezicht niet te zien is dat de brug het gewicht van een paard niet kan dragen) een bord moeten plaatsen waarop werd gewaarschuwd voor het beperkte draagvermogen van de brug. Nu dit niet is gebeurd, is sprake van een gebrekkige opstal in de zin van art. 6:174 BW. De beheerder is derhalve in beginsel aansprakelijk. De rechtbank komt vervolgens echter tot het oordeel dat sprake is van een grote mate van eigen schuld. Eiseres heeft welbewust de verkeersregels overtreden door zich met het paard aan de hand op een voetgangerspad te begeven. Zonder die verkeersovertreding zou het ongeval niet zijn ontstaan, aangezien er geen andere manier is om de brug te bereiken dan via dit pad. Onder die omstandigheden dient 70% van de schade voor rekening van eiseres te blijven. De beheerder wordt veroordeeld tot betaling van 30% van de schade, nadat de rechtbank nog heeft vastgesteld dat het letsel van het paard volledig kan worden teruggevoerd op het ongeval.

 

 

De volledige uitspraken en artikelen uit Verkeersrecht zijn beschikbaar voor abonnees.
In de rechter menubalk kunt u met uw emailadres en wachtwoord inloggen.

Nog geen abonnee? Klik op onderstaande button 'Abonneren' zodat ook u toegang heeft tot de meest recente uitgave en het archief van Verkeersrecht.

Abonneren