Verkeersrecht 2017-7-8

Datum uitgave: 
juli, 2017

VR 2017/087 Roekeloosheid in vormen

VR 2017/87, W.H. Vellinga, Roekeloosheid in vormen

In zijn editorial in Delikt en Delinkwent van zomer vorig jaar schreef Groenhuijsen dat de uitleg die de Hoge Raad geeft aan het begrip roekeloosheid, zoals dat voorkomt in art. 175 WVW1994 en art. 307 en 308 Sr, niet overeenstemt met hetgeen de wetgever voor ogen stond.1) Zijns inziens beoogde de wetgever roekeloosheid niet te beperken tot wat door de Hoge Raad uitzonderlijke gevallen worden genoemd. Deze restrictieve uitleg door de Hoge Raad van roekeloosheid brengt Tilburgse onderzoekers er in een rapport van december...Lees meer

VR 2017/088 Slachtofferrechten in het strafproces - de theorie en de praktijk

VR 2017/88, A.J.J.G. Schijns, Slachtofferrechten in het strafproces

Er is de afgelopen decennia en jaren sprake van een toenemende aandacht voor de rechtspositie van slachtoffers van misdrijven. Het slachtoffer heeft sinds 2011 een eigen titel in het Wetboek van Strafvordering1), en daarmee een eigen positie in het strafproces. Ook andere regelgeving en beleid met betrekking tot de positie van slachtoffers zijn in betrekkelijk korte tijd binnen het strafrecht geïntroduceerd.2) Zo hebben nabestaanden van slachtoffers van dood...Lees meer

VR 2017/089 Bumperkleven. Camerabeelden. Verklaring verbalisant.

Het hof stelt vast dat reeds in de fase van het administratief beroepschrift bekend was dat er camerabeelden van de gedraging beschikbaar waren. Zowel in het beroep bij de officier van justitie als bij de kantonrechter is door de gemachtigde aangevoerd dat uit de camerabeelden een ander beeld volgt dan uit de verklaring van de verbalisant. Gelet hierop acht het hof het oordeel van de rechtbank, dat geen kennis hoefde te worden genomen van de camerabeelden om tot bewijs te komen in de onderhavige zaak, onjuist. Met de door de officier van justitie gebruikte standaardoverweging dat...Lees meer

VR 2017/090 Voetgangersoversteekplaats. Inhalen.

De ratio van het verbod in artikel 12 RVV 1990 is dat bestuurders bij het naderen van een voetgangersoversteekplaats hun aandacht dienen te richten op de mogelijke aanwezigheid van voetgangers die daar oversteken of op het punt staan zulks te gaan doen. De vraag of is ingehaald vlak voor een voetgangersoversteekplaats laat zich niet in het algemeen beantwoorden. Bij de beoordeling van de vraag of artikel 12 RVV 1990 is overtreden dient te worden gekeken naar alle omstandigheden van het geval, zoals de situatie ter plaatse, de toegestane snelheid ter plaatse en de snelheid waarmee werd gereden.Lees meer

VR 2017/091 Rood licht. Waarneming door verbalisant? Ontruimingstijd.

De betrokkene ontkent door rood licht te zijn gereden en doet (impliciet) een beroep op de zogenaamde "ontruimingstijd". Het is het hof ambtshalve bekend dat waar het voorheen gewoonlijk zo was dat er meerdere seconden als “ontruimingstijd” zaten tussen het moment dat het verkeerslicht voor de ene rijrichting op rood springt en het moment dat het verkeer uit de conflicterende rijrichting(en) groen licht krijgt, teneinde te verzekeren dat het kruisingsvlak vrij is, verkeersregelinstallaties thans met enige regelmaat zodanig zijn afgesteld dat de ontruimingstijd ook nul of zelfs negatief kan...Lees meer

Pagina's