fiets

VR 2026/120 Fietsongeval met kinderen. Risicoaansprakelijkheid ouders. Verkeersfout?

Jurisprudentie
Op 20 mei 2015 vond een fietsongeval plaats op een tweerichtingsfietspad in Santpoort-Noord. X fietste in de richting van haar werk en kwam een groep schoolgaande meisjes tegemoet. Binnen deze groep reed de destijds 13-jarige A samen met de andere meisjes deels naast elkaar. Bij het passeren ontstond contact tussen X en A, waarna zij en een ander meisje uit de groep allen ten val kwamen. X heeft hierbij letsel opgelopen, waaronder botbreuken en blijvend zenuwletsel. Zij heeft vervolgens de ouders van A en hun aansprakelijkheidsverzekeraar aansprakelijk gesteld voor haar schade. X stelt dat het

VR 2026/108 Door rood rijden met fiets, verkeerslicht ook bestemd voor fietsers, sanctie terecht.

Jurisprudentie

Aan betrokkene is een Wahv-sanctie van € 120,- opgelegd omdat hij met de fiets is doorgereden bij een rood driekleurig verkeerslicht. Betrokkene erkent dat hij door rood is gereden, maar stelt dat dit verkeerslicht alleen voor automobilisten gold. Volgens hem stond iets verderop een apart fietsersverkeerslicht op groen en mocht hij daarom doorfietsen. Hof oordeelt dat het rode verkeerslicht ook voor fietsers gold. Het verkeerslicht gold voor verkeer vanuit de richting waar betrokkene vandaan kwam, waaronder fietsers. Dat blijkt mede uit de fietsruimte op het wegdek, de stopstreep vóór het

VR 2026/91 Beslag fatbike, deskundigenonderzoek, e-bike of bromfiets, klaagschrift gegrond

Jurisprudentie
Op grond van artikel 552a Sv klaagt beslagene over het beslag op een fatbike van het merk Phatfour, die op grond van artikel 94 Sv in beslag is genomen. Volgens de politie reed de fatbike op de rollerbank 30 km/u en was het daarbij niet nodig de pedalen volledig rond te draaien. Klager stelt dat de fatbike in originele staat verkeert, niet is opgevoerd, geen gashendel heeft en dat de ondersteuning stopt bij 25 km/u. Nadat de rechtbank de behandeling eerder heeft aangehouden, laat zij de fatbike onderzoeken door een deskundige. De deskundige zet eerst het wettelijke kader uiteen en onderzoekt

VR 2025/106 Aanrijding tussen auto en fietser. Verkeersaansprakelijkheid motorrijtuig.

Jurisprudentie

Op 10 april 2019 vond een aanrijding plaats tussen een fietsster en een bestelauto, bestuurd door B (verweerder 2). De fietsster liep hierbij ernstig letsel op. Haar zorgverzekeraar, Menzis, heeft de medische kosten vergoed en is gesubrogeerd in haar rechten. De bestelauto was verzekerd bij Achmea. Er is vastgesteld dat er geen sprake was van overmacht aan de zijde van B en dat het verkeersgedrag van de fietsster voor 75% aan het ontstaan van het ongeval heeft bijgedragen. Achmea heeft met de fietsster een minnelijke regeling getroffen waarbij 75% van haar schade werd vergoed. Menzis vorderde

VR 2025/37 Over de fatbike en onuitvoerbare wensen van de Tweede Kamer

Column 15 april 2025
De fatbike mag al enige tijd genieten van politieke belangstelling. Al diverse keren is in de Tweede Kamer of tijdens commissievergaderingen gesproken over de fatbike als probleemvoertuig. Deze aandacht is ingegeven door verschillende overwegingen. Fatbikes blijken gemakkelijk op te voeren, waardoor zij harder kunnen rijden dan de voor elektrische fietsen toegestane maximumsnelheid van 25 km p/u. Ook kunnen zij worden voorzien van een gashendel, waardoor met het voertuig kan worden gereden zonder dat de gebruiker hoeft te trappen. Door die hogere snelheid of de gashendel is de betrokken fatbike verkeersrechtelijk een bromfiets, waarvoor een helmplicht en een minimumleeftijd van 16 jaar gelden. Door de hogere snelheid, in combinatie met het gewicht en de jeugdigheid van de gemiddelde gebruiker van een fatbike, zijn deze voertuigen een bijzondere bron van gevaren in het wegverkeer. Medici werkzaam in ziekenhuizen op de SEH maken melding van ernstige (hersen)letsels bij jeugdige gebruikers van fatbikes die betrokken zijn bij een verkeersongeval. Na het veroorzaken van een ongeval met een opgevoerde fatbike kan de vergoeding van toegebrachte schade problemen geven. Het ‘WAPpertje’ dekt deze vorm van schade niet, met als gevolg dat de jeugdige gebruiker en/of zijn/haar ouders aansprakelijk zijn voor de schade. Zeker als er sprake is van ernstige letsels gaat de vergoeding van die schade al gauw de gemiddelde draagkracht te boven, waardoor veroorzaker en slachtoffer van het verkeersongeval met financiële brokken worden geconfronteerd. Het gebruik van de fatbike en met name de mogelijkheid tot opvoeren daarvan moeten volgens menig politicus dus aan dikke banden worden gelegd.

VR 2024/126 Ongezouten mening over de fietshelm van een afzwaaiend redactielid

Column 17 december 2024
Het zal de oplettende raadpleger van de site van VR niet zijn ontgaan dat de redactieleden van dit blad tegenwoordig helm dragend worden afgebeeld. Het betreft een ludieke actie (tot stand gekomen ondanks enige weerstand binnen de groep) om de acceptatie van de fietshelm te bevorderen. Want het dragen van een helm kan veel vormen van ernstig letsel voorkomen. Nederland is een land van en voor fietsers, maar de intensiteit van het verkeer is enorm toegenomen, terwijl er ook veel andersoortige en veel snellere fietsen zijn bijgekomen. Smoelt een helm? Nee, natuurlijk niet en je haar gaat ervan in de war zitten. Zo’n helm is zo lastig meenemen wanneer je een boodschap gaat doen. Als de anderen geen helm dragen ben ik een nerd, ik rijd alleen korte afstandjes en zo kan ik nog wel even doorgaan. Waarom dan toch die helm?

VR 2024/109 Verkeersongeval tussen motorrijder en fietser. Reflexwerking artikel 185 WVW. Schulddeling.

Jurisprudentie

Op 3 oktober 2018 vond er een verkeersongeval plaats op een kruising in Amsterdam tussen een motorrijder (verzoeker) en fietser (verweerster). Beiden liepen als gevolg van het verkeersongeval letsel op. De politie is ter plaatse geweest en heeft een proces-verbaal opgemaakt. Beiden zijn daarna op het politiebureau verhoord. Verzoeker verklaarde dat het verkeerslicht oranje knipperde en dat hij verweerster niet kon ontwijken. Verweerster had ter plaatse in het Engels verklaard dat ze op het fietspad reed en onzeker was of ze groen licht had. Op het politiebureau had zij haar verklaring

VR 2024/97 Dodelijk ongeval tussen wielrenners. Onrechtmatige daad? Aansprakelijkheid.

Jurisprudentie
Op 2 mei 2020 vond er een ernstig ongeval plaats op de Zeelandbrug. Y kwam tijdens het wielrennen op het fietspad in botsing met X doordat hij over een losgeraakt stuk van een waterleiding op het pad reed. Ten tijde van het ongeval waren er werkzaamheden gaande op de Zeelandbrug. De waterleiding was aan de reling van de brug bevestigd en bestond uit een zwarte tyleenbuis. Als gevolg van het ongeval liepen beiden ernstig lichamelijk letsel op. X is aan zijn verwondingen overleden in het ziekenhuis. Y herinnert zich niets van het incident. Ten tijde van het ongeval was er enkel een getuige

VR 2024/92 Als bestuurder van een wielrenfiets zich zodanig gedragen dat gevaar en hinder op de weg is veroorzaakt.

Jurisprudentie

De verdachte fietste samen met drie andere wielrenners achter elkaar. De groep van de verdachte naderde twee andere groepen wielrenners die in dezelfde rijrichting reden. Op het moment dat de groep van de verdachte een inhaalmanoeuvre inzette, kwam een tegemoetkomende wielrenner aanrijden. De eerste twee groepsgenoten wisten op tijd terug in te voegen op de eigen weghelft, maar de verdachte kwam, als derde rijder in zijn groep, frontaal in botsing met de tegemoetkomende wielrenner. Als gevolg hiervan kwamen ook andere wielrenners ten val. Meerdere wielrenners liepen daarbij lichamelijk letsel

VR 2024/86 Fietser ten val door kabelgoot. Onrechtmatige daad? Eigen verantwoordelijkheid.

Jurisprudentie

In 2022 benaderen verweerders ’t Hekeltje voor hun bruiloft op 25 juni 2022. Voor het evenement hebben zij feestbenodigdheden gehuurd, inclusief een toiletwagen. Op de dag van het evenement legden zij een afvoerslang over een openbare weg om de toiletwagen op het riool aan te sluiten. In de nacht van 25 op 26 juni viel een 15-jarig meisje met haar elektrische fiets op de openbare weg waar de afvoerslang lag. Zij liep hierdoor letsel op. Verzoekers, de ouders van het meisje, stellen dat ’t Hekeltje en verweerders aansprakelijk zijn voor de geleden en nog te lijden schade. In de brief aan de