VR 2012/2 Begroting van smartengeld in Engeland

Prof. mr. C.C. van Dam
In het kader van de discussie over een mogelijke verhoging van smartengeldbedragen in Nederland,2)geeft deze bijdrage informatie over de manier waarop in Engeland het smartengeld wordt vastgesteld. In paragraaf 2 ga ik in op de zogenaamde Guidelines (richtlijnen) voor het bepalen van de hoogte van het smartengeld en beantwoord ik de vraag of deze richtlijnen een voorbeeld ter navolging in Nederland zijn. In paragraaf 3 komt het rapport van de Law Commission uit 1999 aan de orde, waarin op basis van een uitgebreide consultatie werd geconcludeerd dat de hoogte van het smartengeld in brede kring als te laag werd beschouwd. Het vervolg van dit rapport (paragraaf 4) is de zaak Heil v Rankin3)uit 2001, waarin de Court of Appeal de smartengeldbedragen voor de ernstiger vormen van letsel verhoogde, zij het in aanzienlijk geringere mate als de Law Commission had voorgesteld.
Volledige inhoud is alleen beschikbaar voor abonnees.