In 2017 is A voor een stoplicht met zijn auto van achteren tegen de (taxi)auto van B gereden. B is tegen zijn voorganger gebotst. B verzoekt een verklaring voor recht dat A aansprakelijk is voor zijn schade als gevolg van deze aanrijding en beroept zich op art. 19 RVV. A verweert zich met de stelling dat B het ongeval heeft veroorzaakt doordat B vlak voor A invoegde en daarmee de remweg van A voor het rode stoplicht zo kort maakte dat het voor A onmogelijk was om tijdig te stoppen. Een passagier van de taxi (X) en twee andere weggebruikers (Y en Z) hebben getuigenverklaringen afgelegd.
De volledige uitspraken en artikelen uit Verkeersrecht zijn alleen beschikbaar voor abonnees.
- Inloggen Al abonnee? Log dan hier in.