VR 2019/9 Verkeersongeval; aansprakelijkheid en 25% eigen schuld staan vast; beoordeling verdienvermogen vóór ongeval en in theoretische situatie zonder ongeval.

Verzoekster heeft van 1995 tot 2001 Medische Biologie gestudeerd. Daarna heeft zij een jaar promotieonderzoek verricht en diverse artikelen gepubliceerd. In de zomer van 2003 is verzoekster als secretaresse gaan werken bij het OLVG, waarna zij in januari 2004 is aangenomen als bedrijfsleidster/onderzoekscoördinator plastische chirurgie van het OLVG, in welke functie zij per 1 maart 2004 zou starten. Op 19 februari 2004 is verzoekster op haar fiets aangereden door een bus van GVB, waardoor zij ernstig en blijvend orthopedisch en neurologisch (schedelhersen)letsel heeft opgelopen. De GVB heeft aansprakelijkheid voor het ongeval erkend. In onderling overleg zijn partijen overeengekomen dat verzoekster 25% eigen schuld heeft aan het ongeval. Op gezamenlijk verzoek van partijen zijn in 2007, 2008 en 2009 deskundigenberichten ingewonnen van een registerarbeidsdeskundige, een orthopedisch chirurg, een neuropsychologe en een neuroloog. De registerarbeidsdeskundige komt in zijn rapport tot een hypothetisch verdienvermogen, het ongeval weggedacht, van € 60.000 tot 70.000 per jaar na 15 tot 20 beroepsjaren en, indien verzoekster het bedrijfsleven in zou zijn gegaan, een verdienvermogen van € 80.000 tot € 90.000 per jaar. In deze deelgeschilprocedure verzoekt verzoekster de rechtbank te bepalen (i) dat de deskundigenrapporten als uitgangspunt hebben te gelden bij de nadere vaststelling van de omvang van de door verzoekster geleden schade, (ii) dat zij in de situatie vóór het ongeval op WO-niveau functioneerde en (iii) dat zij in de theoretische situatie zonder ongeval een functie zou hebben vervuld waarvoor een hoog intelligentieniveau was vereist en dat zij na 17 dienstjaren een eindloon van € 90.000 zou hebben bereikt, althans een eindloon zoals door de rechtbank te bepalen. Ten aanzien van verzoek (i) neemt de rechtbank als uitgangspunt dat partijen in beginsel gebonden zijn aan de inhoud van een deskundigenbericht dat op hun gezamenlijk verzoek is opgesteld, tenzij er zwaarwegende bezwaren zijn in te brengen tegen dat bericht. Van zwaarwegende bezwaren is onder andere sprake indien het bericht niet voldoet aan de eisen van onpartijdigheid, consistentie, inzichtelijkheid en logica. De rechtbank komt bij elk deskundigenbericht tot de slotsom dat de bezwaren die GVB daartegen heeft geuit onvoldoende zwaarwegend zijn om het rapport terzijde te schuiven. De rechtbank oordeelt daarom dat de deskundigenberichten als uitgangspunt dienen bij de verdere vaststelling van de omvang van de schade en wijst verzoek (i) dan ook toe.Ook verzoek (ii) wordt toegewezen. De rechtbank overweegt dienaangaande dat uit de deskundigenberichten volgt dat verzoekster voor het ongeval functioneerde op hoog niveau. Dit ligt ook voor de hand nu verzoekster een opleiding Medische Biologie op WO-niveau heeft afgerond en daarna als aio is gaan werken. De enkele omstandigheid dat zij enige tijd als secretaresse heeft gewerkt, doet niet af aan dit hoge opleidingsniveau en de daaraan verbonden verdiencapaciteit.Ten aanzien van verzoek (iii) overweegt de rechtbank dat uit het rapport van de registerarbeidsdeskundige volgt dat niet voor de hand lag dat verzoekster in de theoretische situatie zonder ongeval in het bedrijfsleven zou gaan werken. Dat dit volgens de registerarbeidsdeskundige wel tot de mogelijkheden zou kunnen behoren, is onvoldoende om bij de begroting van de door verzoekster geleden schade uit te gaan van het salaris in het bedrijfsleven. Het arbeidsverleden van verzoekster tot aan het moment van het ongeval bevat geen aanknopingspunten voor de stelling dat - het ongeval weggedacht - een stap naar het bedrijfsleven aannemelijk zou zijn. De rechtbank is daarom van oordeel dat uitgegaan dient te worden van een verdiencapaciteit tussen de € 60.000 en € 70.000, waarbij de rechtbank zich aansluit bij het oordeel van de registerarbeidsdeskundige dat een jaarsalaris van € 70.000 na 15 tot 20 beroepsjaren plausibel zou zijn. De rechtbank wijst derhalve ook verzoek (iii) toe.

 

 

De volledige uitspraken en artikelen uit Verkeersrecht zijn beschikbaar voor abonnees.
In de rechter menubalk kunt u met uw emailadres en wachtwoord inloggen.

Nog geen abonnee? Klik op onderstaande button 'Abonneren' zodat ook u toegang heeft tot de meest recente uitgave en het archief van Verkeersrecht.

Abonneren