Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften
VR 2026/127 Wahv. Geen strijd met het evenredigheidsbeginsel. Geen verlaging boete. Deze kantonrechter sluit niet aan bij ECLI:NL:RBMNE:2026:3707.
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie van € 300,- voor het als bestuurder gebruiken van een puntstuk op de A12 te Bunnik. Betrokkene stelt dat het boetebedrag onevenredig hoog is. Volgens betrokkene is de verhoging van de Wahv-boetes per 1 maart 2024 met gemiddeld 10 % in strijd met het evenredigheidsbeginsel. De verhoging van 10 % bestond uit 5,7 % indexatie vanwege inflatie en een beleidsmatige verhoging van 4,3 %. De kantonrechter overweegt dat het besluit waarbij de boetebedragen zijn verhoogd, kan worden getoetst aan algemene rechtsbeginselen, waaronder het evenredigheidsbeginsel
VR 2026/109 Snelheidsmeting drie voertuigen tegelijkertijd. Niet expliciet verboden. Gelijkblijvende tussenafstand. Geldige meting.
Aan betrokkene was een sanctie van € 436,- (gematigd tot €327,- door de kantonrechter wegens overschrijding van de redelijke termijn van berechting in eerste aanleg) opgelegd wegens een snelheidsovertreding van 36 km/u op de autosnelweg. De gemachtigde stelt dat de snelheidsmeting ongeldig was, omdat de ambtenaar drie voertuigen tegelijk had gemeten en onduidelijk was welk voertuig precies was gemeten. Het hof verwerpt dit verweer. Het hof overweegt dat noch uit de wet, noch uit jurisprudentie blijkt dat het gelijktijdig meten van meerdere voertuigen niet is toegestaan. Uit het zaakoverzicht
VR 2026/108 Door rood rijden met fiets, verkeerslicht ook bestemd voor fietsers, sanctie terecht.
Aan betrokkene is een Wahv-sanctie van € 120,- opgelegd omdat hij met de fiets is doorgereden bij een rood driekleurig verkeerslicht. Betrokkene erkent dat hij door rood is gereden, maar stelt dat dit verkeerslicht alleen voor automobilisten gold. Volgens hem stond iets verderop een apart fietsersverkeerslicht op groen en mocht hij daarom doorfietsen. Hof oordeelt dat het rode verkeerslicht ook voor fietsers gold. Het verkeerslicht gold voor verkeer vanuit de richting waar betrokkene vandaan kwam, waaronder fietsers. Dat blijkt mede uit de fietsruimte op het wegdek, de stopstreep vóór het
VR 2026/107 Door rood rijden, detectielussen registreren scooter niet, opleggen sanctie niet billijk.
Aan betrokkene is een Wahv-sanctie van € 190,- opgelegd omdat hij met een bromscooter is doorgereden bij een rood driekleurig verkeerslicht. Betrokkene erkent dat hij door rood is gereden, maar voert aan dat de detectielussen in de weg zijn scooter niet registreerden, waardoor het verkeerslicht niet op groen sprong. Hij stelt dat hij ongeveer drie minuten heeft gewacht en pas is doorgereden toen het fietsverkeerslicht voor rechtdoor groen was en geen ander verkeer aanwezig was. Het hof acht aannemelijk dat de detectielussen de scooter niet registreerden en dat het verkeerslicht daardoor niet
VR 2026/106 Duocontrole toegestaan. Rijden met mobiel apparaat in de hand. Sanctie door staandehoudende verbalisant geldig.
VR 2026/105 Ne bis in idem niet van toepassing in Mulderzaken. Overschrijding redelijke termijn.
VR 2026/104 Administratieve sanctie bromfiets, helm, misbruik van recht, beroep niet-ontvankelijk.
VR 2026/88 Overtreding rood licht. Niet aannemelijk gemaakt dat vóór het verkeerslicht werd gestopt. Hogere boete terecht opgelegd.
VR 2026/87 WAHV. Rechts inhalen waar verboden, noodsituatie.
Op 27 april 2022 moest de betrokkene als motorrijder uitwijken om te voorkomen dat hij net als zijn voorgangers een noodstop moest maken. Tijdens deze manoeuvre haalde hij rechts in terwijl dit normaal verboden is. De betrokkene gaf direct bij staandehouding en schriftelijk aan dat hij afstand had gehouden en geen opzet had omdat het om een acute noodsituatie ging. In eerste aanleg legde de officier van justitie een sanctie van € 250,- op die door de kantonrechter werd gematigd tot € 187,50, wegens schending van de hoorplicht. Het hoger beroep werd ingesteld door de betrokkene met verzoek tot