VR 2012/16 Over en weer groen licht verondersteld, toch gevaarzetting.

Indien bij een botsing op een door verkeerslichten beveiligde kruising niet komt vast te staan wie groen had en wie door rood reed, moet er veronderstellenderwijs van worden uitgegaan dat de aansprakelijk gestelde automobilist groen had. Deze is niettemin aansprakelijk als hij onmiddellijk voor de aanrijding gevaarzettend heeft gehandeld en daardoor een situatie in het leven heeft geroepen waarin de mate van waarschijnlijkheid van een ongeval zó groot was, dat hij zich van dat gedrag had moeten onthouden. Voor de beoordeling daarvan zijn onder meer van belang: (1) het verkeersgedrag (o.m. snelheid) van beide partijen, (2) overzichtelijkheid kruising, (3) afstand waarop de verkeersdeelnemers elkaar konden zien, (4) aanwijzingen dat de ander mogelijk het rode stoplicht zou negeren, (5) aanwezigheid van waarschuwingsborden. Bij de vraag of de eiser ‘eigen schuld’ kan worden tegengeworpen moet verondersteld worden dat eiser groen licht had en moet diens verkeersgedrag op dezelfde wijze worden beoordeeld. Vgl. HR 22 april 2005, VR 2006/20 en HR 17 november 2006, VR 2007/22. Een dergelijke situatie leidt niet ‘automatisch’ tot 50/50.
Volledige inhoud is alleen beschikbaar voor abonnees.